You are here

De OESO en het World Economic Forum becijferde onlangs weer dat België achterblijft op het vlak van infrastructuurinvesteringen. Ondanks de aangekondigde inhaalbeweging, zakt België qua impact van weginfrastructuur op competitiviteit naar de 35e plaats (WEF, Competitiveness report 2018), onder Kroatië, Litouwen, Turkije, Brunei en Cyprus. Meerdere redenen hiervoor werden al geopperd zoals een gemakzuchtig budgettair beleid, investeringen in functie van verkiezingen, gemeentes en provincies die het financieel moeilijk hebben, etc. Maar de gebruiker krijgt almaar minder kwalitatieve infrastructuur voor zijn belastinggeld.

 

De nieuwe VUB-ULB samenwerking betracht, in samenwerking met beleidspartners op alle niveaus en over de drie regio’s heen, een oplossend denkkader uit te werken voor het beheer van de Belgische transportinfrastructuur.

 

“In plaats van te blijven jammeren over dezelfde fouten die steeds maar weer worden gemaakt, maken we van het momentum gebruik om betere bestuurs- en beheerpraktijken aan te wakkeren. Ons uitgangspunt hierbij is af te stappen van ad hoc probleemoplossend gedrag, naar een mobiliteitsperspectief dat een hoog service level voor gebruikers garandeert over de gehele levenscyclus van de infrastructuur. Duurzaamheid en betaalbaarheid moeten hierbij hand in hand gaan. Dat zal bestuursingrepen vergen die korte termijn electoraal en financieel gedrag tegengaan. Welke praktijken kunnen we ontwikkelen die onze publieke infrastructuur echt ten dienste stellen van de belastingsbetaler en duurzaam denken? Daartoe geven we een aanzet met deze leerstoel”, aldus VUB Chairholder Prof. Elvira Haezendonck en ULB co-promoter Prof Manuel Hensmans.