U bent hier

Galerie Valerie Traan aan de hand van een tentoonstelling hulde aan de bouwkunst van Willy Van Der Meeren. Annemie Augustijns, Sofie Van der Linden en Katleen Vinck lieten zich in hun artistieke praktijk inspireren door de controversiële (want een tijdlang met afbraak bedreigde) studentenwoningen die de Belgische architect en meubelontwerper Willy Van Der Meeren (1923-2002) in 1972 bouwde voor de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

 

Tijdens de opening op 14 februari om 19u zal prof. ir. arch. Ine Wouters (vakgroepvoorzitter VUB Architectural Engineering) spreken over de studentenhuizen van de VUB ontworpen door Willy Van Der Meeren in 1972.

Een hekel aan architectuur

Willy Van Der Meeren had een hekel aan het woord architectuur. Het modewoord design vond hij nog erger. Zelf sprak hij liever over bouwkunst. Over de kunst om met eenvoudige materialen maximale resultaten te bereiken. Met triplexplaten, rubberen tuinslangen, goedkope houtsoorten, golfplaten maar bovenal met staal en beton bouwde Van Der Meeren - met Le Corbusier in het achterhoofd - modulaire wooneenheden op maat van de massa. Of op maat van de student. Want de studentenwoningen die hij voor de VUB optrok, illustreren zijn visie.

De Club Med van de campus

Jarenlang werd de kleurrijke site door studenten het Club Med van de campus genoemd. Wellicht zat het bij uitstek eenvoudige en modulaire karakter van het bouwplan daar voor iets tussen. Van der Meeren plantte op de site van de VUB vijf wooneenheden in die telkens bestonden uit twee verdiepen. Iedere etage werd voorzien van een keuken en een badkamer die gedeeld werd door de bewoners van de vier aansluitende studentenkamers.

 

Van Der Meeren zorgde voor herkenbaarheid door elke wooneenheid van een opvallende kleur te voorzien. Maar vooral het materiaalgebruik verraadt de tegendraadse, creatieve geest van een bouwkunstenaar. Om de woning te betreden moeten de studenten drie treden nemen van een eigenzinnig trapje: een stapeling van geprefabriceerde betonnen elementen uit de spoorwegindustrie.

Fotoreeks

De erfenis van het modernisme houdt Annemie Augustijns al jaren bezig. Eerder onderzocht ze in fotoreeksen onder meer het kleurgebruik van de modernistische architectuur. Of wat ervan rest. Want ondanks haar fascinatie voor de esthetiek van deze iconische gebouwen blijft Augustijns niet blind voor de houdbaarheidsdatum ervan. Hoe relevant zijn deze vormen en kleuren nog voor ons vandaag? En hoe hebben mens en natuur huisgehouden in het iconische plaatje dat op ons netvlies gebrand staat wanneer we het woord modernisme in de mond nemen? Augustijns laat deze vragen onbeantwoord. Maar de zakelijke manier waarop ze bepalende elementen van Van Der Meerens erfgoed in beeld brengt, verraadt dat er - hoewel nog steeds schoon - iets onherroepelijk stuk is gegaan.

Abstracte tekeningen

De artistieke praktijk van Sofie Van der Linden wortelt in een verwondering over de manier waarop de mens zijn leefomgeving inricht. Wat haar in de realiteit van alledag opvalt, krijgt eerst zijn weerslag in schetsboeken. Later verdiept Van der Linden deze notities en tekeningen tot studies waarin ze het gebruik van een ruimte, gebouw of object in kaart brengt. Wat moeten we ons bijvoorbeeld voorstellen bij het alledaagse gebruik van Van Der Meerens wooneenheden op de VUB? Wat met de oriëntatie en het uitzicht vanuit elke studentenkamer? En welke structurerende rol spelen de paden die de labyrintische site verbinden? Het eindresultaat van dit in wezen sociologische onderzoek zijn autonome abstracte tekeningen. Van veraf lijken het kille geometrische abstracties, maar van dichtbij getuigen de potloodtekeningen van een welhaast kwetsbare naïviteit. Het contrast tussen de met losse hand getrokken lijnen enerzijds en de massieve donker gekleurde potloodvlakken anderzijds verlenen aan de werken een poëtische maar zelfbewuste kracht.

Sculpturen

Katleen Vinck heeft oog voor de essentiële eigenschappen van natuurlijke of culturele sites. Door die essentie te bestuderen en uit te puren in haar atelier komt Vinck tot een heel eigen morfologie. Met Willy Van Der Meeren deelt ze een voorkeur voor de radicale eenvoud van een functionele vorm. En met haar interesse voor oer-constructies zoals het hunebed is Vinck in wezen niet ver verwijderd van het minimalistische modernisme van Van Der Meeren. Voor deze tentoonstelling maakte Vinck drie reeksen van sculpturen waarin haar eigen fascinatie voor oervorm (grot) en oermaterie (rots) letterlijk en figuurlijk verweven geraakt met Van Der Meerens zoektocht naar een bouwkunst van op elkaar gestapelde functionele eenvoud (basic units/ cellules de base/ basismodules).

 

Meer info op www.valerietraan.be.