U bent hier

Stefanie Keulen deed onderzoek naar het Foreign Accent Syndrome (FAS).

Het is niet wat het lijkt en het zal je maar overkomen. Je stoot je hoofd en plots spreek je met een andere tongval. Je gesprekspartner vindt je een beetje vreemd. Stefanie Keulen doctoreerde met een onderzoek naar dat fenomeen.  

 

Spraakgebrek in milde vorm

De naam ‘Foreign Accent Syndrome’ (FAS) klopt niet. Mensen interpreteren FAS als het accent van iemand die niet zijn of haar moedertaal spreekt. “Maar eigenlijk gaat het om een spraakgebrek in milde vorm”, zegt Keulen. De 27-jarige Limburgse promoveerde in mei met haar studie. Voor haar doctoraatsstudie, in samenwerking met het Center for Linguistics aan de VUB en het Center for Language and Cognition aan de Rijksuniversiteit Groningen, onderzocht ze heel wat patiënten.
De ene patiënt is ook de andere niet. Keulen: “FAS kan je oplopen na een neurologische aandoening, maar evengoed door een psychiatrische stoornis. Daarnaast lijdt een handvol mensen sinds de prille jeugd aan ontwikkelings-FAS.”

 

Vooroordelen

Mensen associëren die vreemde klanken - langgerekte of juist korte klanken, afwijkende beklemtoning, een monotone of juist zangerige spraak, staccato ritme … - automatisch met een andere taal of tongval. “FAS kan daarom een ingrijpende stoornis zijn voor mensen die eraan lijden. Ze hebben soms te maken met identiteitsverlies en met vooroordelen”, zegt Keulen nog.

Lees meer in NRC.

 

Promotoren van dit onderzoek:
Prof. Dr. Peter Mariën (Center for Linguistics, VUB)
Prof. Dr. Roelien Bastiaanse (Center for Language and Cognition, RUG)
Prof. Dr. Jo Verhoeven (Computational Linguistics and Psycholinguistics Research Center, UA en Division of Language and Communication Science, City University London)