U bent hier

Het wettelijk kader dat slachtoffers van mensenhandel tegen vervolging of bestraffing moet beschermen is ontoereikend. In de Europese wetgeving staan de slachtoffers onvoldoende centraal. Het artikel 8 van de EU Richtlijn inzake mensenhandel dat slachtoffers van mensenhandel tegen vervolging of bestraffing wenst te beschermen, houdt te weinig rekening met het feit dat deze slachtoffers vaak ook onder dwang de wet overtreden en dus misdrijven begaan. Een actualisering van de EU Richtlijn met nieuwe wettelijke bepalingen dringt zich op. Dit blijkt uit onderzoek van Julia Muraszkiewicz van de Faculteit Recht en Criminologie aan de Vrije Universiteit Brussel. Haar promotor is professor Paul De Hert.

 

“De mensen die de EU-richtlijn wil beschermen, dreigen vandaag nog meer slachtoffer te worden. Hierdoor worden ze niet aangemoedigd om te getuigen in strafzaken tegen de daders. Daarom, moeten we de grenzen waarbinnen de EU-wetgever handelt goed begrijpen, door te onderzoeken hoe ver de verplichtingen van het Europees strafrecht reiken”, aldus Julia Muraszkiewicz.

 

Vooral de onduidelijke definitie van mensenhandel maakt het moelijker om slachtoffers van mensenhandel het label ‘slachtoffer’ te geven. Dat is nodig om hun een noodzakelijke bescherming te geven. Al te vaak worden ze als ‘daders’ bekeken. Julia Muraszkiewicz argumenteert dat de wettelijke en de sociale grenzen tussen ‘slachtoffer’ en ‘crimineel’ niet altijd duidelijk te onderscheiden zijn.

 

Foute beeldvorming

De noodzaak om slachtoffers van mensenhandel te beschermen, is breed aanvaard. Maar het principe van niet-aansprakelijkheid van slachtoffers van mensenhandel die gedwongen werden om zelf misdaden te begaan, is meer omstreden.

 

Het foutieve beeld dat veel mensen van een slachtoffer hebben, bemoeilijkt de toepassing van het principe van niet-aansprakelijkheid. Het stereotiepe beeld van een slachtoffer van mensenhandel –een naïeve en verarmde vrouw– is niet de realiteit. Er is een niet-officiële en gepercipieerde hiërarchie van slachtoffers die wij, als samenleving, wel of niet willen beschermen. Dit is een moeilijke hindernis en het heeft invloed op de uitvoering van het beginsel van niet-vervolging en niet-bestraffing.

 

Julia Muraszkiewicz: “Dit moet rechtgezet worden. De wetten waarmee de rechten van slachtoffers moeten worden beschermd, moeten worden aangepast, zodat ze hen niet aansprakelijk stellen voor die wandaden. Hiervoor hebben we sterke internationale, regionale en nationale wetgeving nodig die gericht is op het slachtoffer.”

 

‘The legal framework on non-liability for victims of human trafficking: should, and can, the European Union ask more of member states?’, door Julia Muraszkiewicz van de Vrije Universiteit Brussel. Haar promotor is professor Paul De hert.

 

Meer info:

Julia Muraszkiewicz, julia.muraszkiewicz@trilateralresearch.com, 0044 7896 229158 (Engelstalig)

Paul De Hert, paul.de.hert@vub.ac.be, 0498-81 16 51