U bent hier

De Amerikaanse marine heeft 293 schepen in de vaart en heeft daarmee veruit de machtigste vloot ter wereld. Alleen al haar 11 vliegdekschepen zijn een verpletterende uiting van haar wereldwijde slagkracht. In de lange maritieme geschiedenis komt geen enkele andere mogendheid ook maar in de buurt. Toch rijst er twijfel in de Verenigde Staten. In een rapport van het Congres rees vorige week opnieuw de vraag of de marine wel klaar is voor een grootmachtenconflict. Met Iran, tot daaraan toe. Maar met China, of nog erger: China in combinatie met Rusland? Dat wordt al moeilijker.

 

Dit opiniestuk verscheen eerder op knack.be (+).

 

En dan is het nog niet eens de bedoeling om echt ten strijde te trekken. De Amerikanen zijn eerder bezorgd dat Moskou en Peking hun maritieme macht in twijfel zouden trekken, want dat zou hen tot meer assertiviteit kunnen aanzetten. Neem China. Zolang dat land inschat dat het zwak staat in de westelijke Stille Oceaan, is de kans klein dat het spoorslags militaire macht zal gebruiken, bijvoorbeeld tegenover Taiwan. Verandert die calculatie, dan kan ook de traditionele Chinese terughoudendheid verdwijnen. Zulke kenteringen in de navale machtsbalans vergroten dus de kans op geweld.

Vier bezorgdheden vallen op te tekenen bij Amerikaanse specialisten. De eerste is van strategische aard. Kan de Amerikaanse marine nog altijd twee regionale conflicten tegelijk aan? Rusland en China hebben onderling verschillende twistpunten maar zien ook dat een gezamenlijk front de Amerikanen nerveus maakt. De VS hebben het nu al moeilijk om voldoende sealift of militair transport te vinden voor een groot conflict rond de Atlantische Oceaan, laat staan dat ze tegelijk grootschalige troepenverplaatsingen in de Stille Oceaan mogelijk moeten maken. Ook conceptueel lijken ze een scenario van two major regional wars te hebben begraven. Rusland en China slaan die worsteling nauwgezet gade. Ze dagen het Westen uit door zelf almaar grotere transregionale oefeningen op te zetten.

De hogere defensiebudgetten van president Donald Trump helpen allerminst.
-
Jonathan Holslag

De tweede bezorgdheid betreft het vermogen van rivalen om belangrijke oorlogsbodems op afstand te houden. Rusland en China kunnen oppervlakteschepen in de oceanen beter dan ooit in de gaten houden dankzij satellieten, onbemande vliegtuigen en diverse radars. Die zijn gekoppeld aan krachtige raketsystemen, antischipraketten voor de lange dracht en ballistische raketten met een reikwijdte tot 1500 kilometer. Die laatste soort wordt hoog de lucht in gelanceerd, waarna de kop vele malen sneller dan het geluid op zijn doel af suist. Vermoed wordt dat China zo’n systeem al volledig operationeel heeft of binnenkort zal hebben. Vooral de Amerikaanse vliegdekschepen zouden een doelwit vormen.
 

Een derde uitdaging draait om de aantallen. Tijdens de Koude Oorlog had de Amerikaanse marine meer dan 500 schepen in de vaart om één belangrijke rivaal, de Sovjet-Unie, af te schrikken. Vandaag zijn er 293, zoals aangestipt, om meerdere rivalen in de gaten te houden. China bouwt dit jaar minstens 30 marineschepen, waaronder 10 destroyers. Rusland bouwt er 12, doorgaans kleine maar formidabel bewapende platformen. Die aantallen zijn van belang. Hoe meer schepen, hoe meer veerkracht. De Amerikanen mogen dan wel prat gaan op hun operationele ervaring, maar hun vloot wordt geplaagd door ongelukken, slecht getrainde bemanningen en gebrekkig onderhoud. En dat is hun rivalen niet ontgaan.

De VS hebben het nu al moeilijk om voldoende sealift of militair transport te vinden voor een groot conflict rond de Atlantische Oceaan.
-
Jonathan Holslag

De onderzeeërs vormen pijnpunt vier. Tijdens de Koude Oorlog hadden de Amerikanen 90 aanvalsonderzeeërs. Vandaag zijn dat er 56, en het aantal zal verder dalen tot 42. Op dit moment zijn ongeveer 8 Amerikaanse onderzeeboten voorwaarts ontplooid in de Stille Oceaan, waarvan er ongeveer 3 op patrouille zijn. Dat is veel te weinig, geeft ook de marinetop toe. China en Rusland blijven niet stilzitten. Moskou heeft relatief veel technologie in handen maar weinig geld om veel nucleaire onderzeeërs te bouwen. Peking heeft het geld maar – voorlopig – onvoldoende technologie.
 

De hogere defensiebudgetten van president Donald Trump helpen allerminst. De Amerikaanse marine probeert haar voordeel te behouden met nieuwigheden zoals een Tomahawk-kruisraket die schepen kan treffen, een maritieme luchtdoelraket en de krachtige SPY-6-radar. Via horizontale escalatie probeert ze het front geografisch te verbreden. Met concepten als de Third Offset en Mosaic Warfare mikt ze op netwerken van onbemande vaartuigen. Maar het zal nog jaren kosten om dat in de praktijk te brengen. Met kleine onbemande tuigen alleen stop je bovendien geen agressie. Uiteindelijk zal het cruciaal blijven om voldoende grote oorlogsbodems en vuurkracht te behouden. Net zoals het vermogen en de bereidheid om boots on the ground te krijgen.