U bent hier

Op 10 december werd op de verjaardagstaart van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens het 70ste kaarsje bijgezet. Zowat al onze grondrechten zitten in deze morele en juridische standaard van de Verenigde Naties vervat. Wereldwijd beroepen advocaten zich dan ook op de UVRM om de fundamentele vrijheden van hun cliënten veilig te stellen. Maar hoe springlevend is de Universele Verklaring nog in deze woelige tijden, waarin de rechtsstaat meer en meer onder druk lijkt te staan? We vroegen het aan twee VUB-alumni met naam en faam: strafpleiter Sven Mary en mensenrechtenactivist Zouhaier Chihaoui.

 

Tekst: Piet Verbeest / Foto’s: Saskia Vanderstichele

 

Een late vrijdagnamiddag in hartje Sint-Gillis: terwijl de stad stilaan in weekendmodus gaat, hebben we nog een afspraak op het kantoor van meester Sven Mary. Als ook Zouhaier Chihaoui binnenkomt, verloopt de begroeting bijzonder hartelijk. “We zien elkaar wel eens bij gemeenschappelijke vrienden”, zegt Sven. “In mijn ogen zijn we allebei un poco loco, een beetje gek. We zijn beiden bijzonder gedreven in wat we doen. Dat schept ontegensprekelijk een band.”

 

Net als jullie VUB-verleden?

Sven: “Ook, al zaten we daar niet in dezelfde periode. Maar mijn VUB-jaren waren absoluut een heel mooie tijd. Ik koester nog altijd de vriendschappen die toen zijn ontstaan. Zo zat Vincent Mannaert, de algemeen manager van Club Brugge, in mijn jaar. (Fijntjes) De jongste tijd hoor ik hem weer wat vaker dan de voorbije jaren. Maar ik heb mijn diploma niet zonder slag of staat gehaald. Ik heb mijn eerste jaar zelfs getrist. Ik hoopte toen nog als profvoetballer door te breken bij RSC Anderlecht. Pas toen een zware knieblessure een definitief einde maakte aan mijn sportieve droom zag ik in dat ik mijn studies maar beter serieus kon nemen. Toen ging er meteen ook een heel nieuwe wereld voor me open.”

 

Zouhaier, hoe ben jij als geboren Gentenaar in Brussel beland?

Zouhaier: “Ik ben opgegroeid in een achterstandswijk, een milieu waar de criminele weg gewoon de makkelijkste en meest logische was. Om iets van mijn leven te kunnen maken, moést ik wel vertrekken. Mijn vader wou dat ik burgerlijk ingenieur werd, om later een mooie job in Saoedi-Arabië te kunnen versieren. Maar ik wou per se Rechten studeren. Met mijn Tunesische roots was ik vaak het mikpunt van racisme. Om echt voor mezelf te kunnen opkomen, leek het mij een goed begin om eerst en vooral goed mijn rechten te leren kennen.”

 

Sven: ”Dat is dus nog iets wat we delen: ik heb me ook moeten afzetten tegen een vader die een heel andere toekomst voor mij in gedachten had. Zouhaier en ik hebben allebei onze studies aangegrepen om als het ware af te kicken van het leven dat we tot dan toe hadden gekend.”

 

Zouhaier: “Voor mij was het supermoeilijk om van mijn verleden los te komen. Toen ik 12 was, kregen mijn twee oudere broers respectievelijk 20 en 10 jaar cel, wegens zwaar banditisme. Dat doet toch iets met een mens, zeker op zo’n jonge leeftijd. Onbewust kijk je toch altijd een beetje op naar je grote broers. Ik heb letterlijk en figuurlijk afstand van hen moeten nemen en toch liep het ook voor mij bijna mis. In het begin van mijn VUB-periode vloog ik door een domme vechtpartij zelf twee weken in de cel. De onderzoeksrechter heeft me toen vrijgelaten onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat ik iets van mijn studies zou maken. Ik moest in september elf van de twaalf examens opnieuw doen. Maar dankzij de onvoorwaardelijke steun van enkele goeie vrienden is het me gelukt. Daarna was ik voorgoed gelanceerd.”

De Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens is voor veel landen niet meer dan een vodje papier
-
Zouhaier Chihaoui

Sven: “Ik wou eigenlijk Communicatiewetenschappen studeren, maar dat vond mijn vader (gewezen VRT-baas Tony Mary, n.v.d.r.) maar niks. En dus werd het Rechten, want dat leek me de beste perspectieven te bieden op een job. Nadat ik er twee jaar met mijn pet naar had gegooid, spiegelde mijn pa me voor dat ik zonder diploma nooit gelukkig zou zijn. Toen is mijn frank gevallen. Maar ik ging bijna kapot van de schrik dat ik niet zou slagen. Die jaren aan de VUB heb ik echt wel met druk leren omgaan. Ik zie nu ook in dat mijn vader ergens wel gelijk had: als je je goed voelt in je job, sta je met veel meer voldoening in het leven.”

 

Zouhaier, aanvankelijk koos jij net als Sven voor een carrière als strafpleiter.

Zouhaier: ”Inderdaad, maar ik voelde vrij snel dat het niet helemaal mijn ding was. Toen ik een aantal belangrijke dossiers won bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, wist ik meteen dat ik me daarin wou specialiseren. Ik buig me heel concreet over schendingen van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), dat zelf trouwens gebaseerd is op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Ik vind het enorm bevredigend om mensen te kunnen bijstaan die door een lidstaat van de Raad van Europa onrechtvaardig werden behandeld.”

 

Sven: ”Wat Zouhaier doet, is eigenlijk het hoogste goed. Zijn werk vormt de allerlaatste filter om eenieders rechten te vrijwaren. Als we die ooit verliezen, zit het pas echt fout.”

 

Wat is het grote verschil met jouw job, Sven? Jij steunt bij de verdediging van je cliënten toch ook op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens?

Sven: ”Zeker, maar de insteek is helemaal anders. Als strafpleiter zit je dikke dossiers tot in de details uit te pluizen, op zoek naar punten waarop je je betoog kan staven. Die feitenvaststelling mondt uiteindelijk uit in een proces. Vindt een burger na uitputting van alle nationale rechtsmiddelen dat zijn rechten fundamenteel geschonden zijn, dan kan hij alsnog zijn gram proberen te halen bij het Europees Hof in Straatsburg.” [Lees verder onder de foto]

Sven Mary: "Samen met de pers zijn strafpleiters de hoeders van de rechtsstraat en de democratie."

Zouhaier: “En dan treden mensenrechtenadvocaten als ik dus op de voorgrond. Wij baseren ons op de synthese die tijdens het proces werd gemaakt. Het komt er vooral op aan de juridische procedures van het Europees Hof door en door te kennen. 95% van de aanvragen wordt onontvankelijk verklaard omdat er bij de indiening fouten werden gemaakt. Het is dus voer voor specialisten. Maar het is voor mij echt een zegen om te kunnen voortwerken op een zaak die door een goede advocaat werd voorbereid. Als strafpleiter heb ik zelf uiteraard ook feitenvaststellingen gedaan, maar ik zou het nu niet meer willen. Het is echt een verschrikkelijke karwei om zo’n dossier onder de knie te krijgen. En dan zwijg ik nog over alles wat er tegenwoordig bij komt kijken.”

 

Je moet inderdaad tegen een stootje kunnen. Zeker als je wel eens procedurefouten inroept om een cliënt vrij te krijgen.

Sven: “We krijgen altijd het verwijt dat we te veel in de kijker lopen. Maar wie bepaalt de maatschappelijke relevantie van een zaak? Denk je nu echt dat wij zelf naar de pers stappen om ons verhaal te kunnen doen? In Knack kregen we onlangs weer de wind van voren, van een anonieme ex-topmagistraat. Waarom zegt hij niet open en bloot wat hij van mij vindt? Ik ben nochtans een man van de dialoog. Sorry, maar op deze manier is het niet meer dan verzuurde oudemannenpraat. Of die persoon het nu leuk vindt of niet, de samenleving is geëvolueerd en vandaag zijn strafpleiters een belangrijke stem in het publieke debat. Meer nog: samen met de pers zijn we de hoeder van de rechtsstaat en de democratie.”

 

Waarom is het zo belangrijk dat jullie die rol vervullen?

Sven: ”Een van de hoogste grondwettelijke goeden is het recht op een privé-leven. Als je thuis zo maar afgeluisterd mag worden, leven we de facto in een politiestaat. Men zegt altijd dat wie niets te verbergen heeft niets moet vrezen. Maar daar gaat het helemaal niet om. Bij mag mag in principe ook iedereen binnen, maar niet om in het ondergoed van mijn vrouw te neuzen. Er zijn grenzen aan de openheid. De terreuraanslagen van de voorbije jaren hebben niet alleen tot een angstklimaat geleid maar bezorgden het openbaar ministerie ook ongezond veel macht. Het gevolg is dat onze grondwettelijke vrijheden, waar onze voorvaderen zo hard voor gevochten hebben, dag in dag uit worden beknot. En het ergst van al is nog dat we dat niet eens goed beseffen.”

 

Zouhaier: ”Ook aan het Europees Hof wordt de spanning almaar groter. Vroeger was alles heel duidelijk: gebeurden er bij een onderzoek onregelmatigheden, dan volgden er automatisch consequenties. Nu weet de politie soms op voorhand dat ze zich van alles kan permitteren, want dat ze toch niet gestraft zal worden. Zo kan het echt niet langer.”

Zouhaiers werk vormt de allerlaatste filter om eenieders rechten te vrijwaren. Als we die ooit verliezen, zit het pas echt fout.
-
Sven Mary

De UVRM wordt dus ook in ons land geregeld met de voeten getreden?

Sven: “Je mag gerust stellen dat dit elke dag opnieuw gebeurt. Maar als je daar als advocaat tegen ingaat, word je net niet gestenigd. De norm is tegenwoordig het populistische onrechtvaardigheidsgevoel van de publieke opinie. Telkens als iemand om procedureredenen wordt vrijgesproken, schreeuwt iedereen moord en brand. Nochtans moeten die regels er net voor zorgen dat er geen willekeur in het recht sluipt.” 

 

Zouhaier: “Niemand die vandaag op de barricades staat tegen een zogenaamd onrechtvaardige vrijspraak zou zelf aanvaarden dat zijn rechten op zo’n flagrante wijze worden geschonden.”

 

Sven: ”Procedurepleiter is tegenwoordig een van de grofst mogelijke scheldwoorden. En dat terwijl dit gewoon een kwestie van eer en waardigheid is. Een advocaat moet de procedures kennen en moet ze per definitie ook pleiten, anders doet hij gewoon zijn job niet. Ik zal je een voorbeeld geven: een tijd geleden werd de CEO van een groot bedrijf op de E40 geflitst toen hij 195 km/u reed. Hier op kantoor zei hij me meteen dat hij eigenlijk niets moest weten van mijn manier van werken. Oké, dat was zijn volste recht. Maar toen ik ontdekte dat de flitscamera slecht geijkt was en de strafprocedure dus onontvankelijk moest worden verklaard, had hij er plots geen probleem meer mee om het op die manier te spelen. Was ik als mens blij dat hij werd vrijgesproken? Wie zo snel rijdt, heeft echt wel een moordwapen in handen, hé. Maar als advocaat is het mijn plicht om ervoor te zorgen dat onze grondwettelijke vrijheden gevrijwaard worden.”

 

Jullie dagen zijn zo vaak gevuld met verschrikkelijk onrecht. Hoe behouden jullie je geloof in de fundamentele goedheid van de mens?

Zouhaier: ”Neem nu de oorlog en de hongersnood in Jemen: je kan er toch met je verstand niet bij dat de mens daartoe in staat is! Of al die landen waar actief wordt gefolterd? Ik heb vaak contact met mensen die hier asiel aanvragen. Als je die rapporten leest, besef je pas echt hoeveel schurkenstaten er zijn. Bij momenten ben ik echt gedegouteerd van het menselijk ras, dat geef ik eerlijk toe.”

 

Zegt de mensenrechtenadvocaat bij uitstek.

Zouhaier: ”Hoe contradictorisch kan het zijn? Ik doe alles om de fundamentele rechten van de mens te laten eerbiedigen en stel tegelijk openlijk in vraag of het al die moeite wel waard is. Maar we moeten sowieso voor de slachtoffers blijven opkomen. We kunnen die mensen toch niet aan hun lot overlaten?”

Zouhaier Chihaoui: "Bij momenten ben ik echt gedegouteerd van het menselijk ras, dat geef ik eerlijk toe."

Je bent ook de advocaat van de Iraanse VUB-gastprofessor Djalali. Zijn zaak lijkt de laatste tijd wat uit de media verdwenen.

Zouhaier: “Ik laat de communicatie daarover nu over aan Amnesty International. Ik kon het op den duur niet langer opbrengen. Het breekpunt was voor mij het moment toen we de zaak aanhangig maakten bij de Verenigde Naties. Ons dossier, 20 bladzijden lang, werd straal genegeerd. Hier spelen economische belangen waar wij gewoon niet tegenop kunnen. Maar als professor Djalali straks van ontbering in zijn cel overlijdt, zal iedereen uiteraard op zijn achterste poten staan. Ach, de VN is in se een ordinaire praatbarak en de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens is voor veel landen niet meer dan een vodje papier.”

 

Sven: “Het is toch bijzonder pijnlijk om te moeten vastellen dat Trump en Erdogan tegenwoordig zowaar de grootste verdedigers van de mensenrechten zijn. Saoedi-Arabië mag een kritische pen zomaar uitschakelen, zonder dat daar in Europa een haan naar kraait. Niemand durft zijn goede relaties met dat land in gevaar te brengen. Laten we daarom maar stoppen met de hypocrisie: als puntje bij paaltje komt, betekenen de mensenrechten helemaal niets.”

 

Als ik het zo hoor, viel er op 10 december eigenlijk niet veel te vieren?

Zouhaier: “Helaas niet, onze vrijheden worden gewoon steeds meer beknot. En dat op alle niveaus: van regionaal tot mondiaal. Het draait gewoon allemaal om macht.”

 

Wat drijft jullie om ondanks alles deze strijd te blijven voeren?

Zouhaier: ”Zolang mijn leven niet in gevaar is, kan ik het uiteindelijk allemaal wel plaatsen. In sommige landen doen collega’s exact hetzelfde als ik. Met dat verschil dat ze heel goed weten dat het vroeg of laat slecht afloopt.”

 

Sven: ”Dat zijn pas helden. Ze hebben hun principes en handelen ernaar, wat het hen ook moge kosten.”

 

Zouhaier: ”Wij klagen hier wel dat de mensenrechten constant worden geschonden maar wij kunnen tot nader order nog in alle veiligheid ons werk doen. Alhoewel: toen Sven de verdediging opnam van Salah Abdeslam was hij op slag zelf volksvijand nummer één.”

 

Sven: ”Hier zitten we met de paradox dat sommige regeringsleden - ik noem ze graag de emoticon-ministers - constant de publieke opinie opjutten, met een taal die hen eigenlijk onwaardig is. Ze denken over alles een mening te moeten hebben en doen niets anders dan polariseren, maar zonder enige kennis van zaken. Dit is toch ook iets wat we aan de VUB hebben geleerd: wat er ook gebeurt, we blijven altijd nadenken. Dat helpt om alle desinformatie en propaganda te doorprikken. De verzuring, de angst voor vreemdelingen, de neiging om religie automatisch gelijk te stellen met fundamentalisme: veel mensen zijn gewoon niet meer in staat om daar doorheen te kijken.”

De terreuraanslagen van de voorbije jaren bezorgden het openbaar ministerie ongezond veel macht.
-
Sven Mary

En dus moeten jullie - soms misschien tegen beter weten in - de continue inperking van onze vrijheden blijven aankaarten.

Zouhaier: “Ik ga de hele tijd in de clinch met administraties, met de Belgische staat … Onlangs had ik nog een conflict met de dienst Vreemdelingenzaken: mijn cliënt moest van de raadkamer vrijgelaten worden maar twee maanden later zat hij nog vast. Als dat allemaal kan, waar gaan we dan naartoe? Nee, als wij niet zo waakzaam zouden zijn, zouden we wel eens heel snel kunnen afglijden naar dictatoriale toestanden. Toch heb ik ook al willen stoppen. Ik ben geregeld gefrustreerd omdat ik weet dat ik gelijk heb en uiteindelijk toch nog ongelijk krijg.”

 

Sven: “95% van onze tijd gaat op aan frustraties, de overige 5% is de golf waarop we de volgende vijf jaar kunnen surfen.”

 

Laten we toch maar eindigen op een lichtere noot: Sven, hoe was je eigenlijk als voetballer? Ik gok op het evenbeeld van de advocaat die je vandaag bent: een kuitenbijter die de tegenstaander opjaagt tot die in de fout gaat.

Sven: “Ik was een technische speler, een echte nummer 10. Ik zocht constant naar de opening en probeerde altijd een vleugje genialiteit op de mat te leggen. Om eerlijk te zijn, denk ik dat er inderdaad nog veel van die voetballer in de advocaat zit.” 

 

Sven Mary (46) studeerde in 1997 af als licentiaat in de Rechten. Hij ontpopte zich al snel als een mediagenieke - en beruchte - strafpleiter in spraakmakende assisenzaken. De voorbije jaren verdedigde hij onder meer moslimterrorist Salah Abdeslam en verdachten in de Kasteelmoord en de drugszaak rond de Limburgse familie Aquino.

 

Zouhaier Chihaoui (35) studeerde van 2001 tot 2007 Rechten aan de VUB. Hij is de drijvende kracht achter Just Rights, een Europees mensenrechtenkantoor dat zich specialiseerde in procedures voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. Zo ijvert hij actief voor een billijker rechtspraak.