U bent hier

Het nieuwe wetsontwerp, waarin een strafrechter voortaan zelf de minimumduur van een celstraf kan bepalen, kan op veel kritiek rekenen. Kristel Beyens, professor strafrecht aan de VUB, spreekt van een motie van wantrouwen ten opzichte van strafuitvoeringsrechtbanken. Bovendien wijst ze op de gebreken van het nieuwe wetsontwerp: “Uit onderzoek blijkt dat de voorwaardelijke invrijheidstelling een waarborg is voor een veilige reïntegratie in de maatschappij.” Het is met andere woorden veel gevaarlijker om zonder voorbereiding vrij te komen na een volledige celstraf dan vervroegd vrijkomen onder voorwaarden.