U bent hier

Een doctoraatstraject afronden duurt meerdere jaren. Gedurende deze periode worden doctorandi zowel intellectueel als emotioneel op de proef gesteld. Voor velen wordt dit ervaren als een fijne tijd die in het teken staat van wetenschappelijke ontdekkingen en zelfontwikkeling. Eerder onderzoek toont echter aan dat doctorandi ook dikwijls negatieve emoties zoals stress en angsten ervaren. Daarom gaf het departement Research & Data-Management van de VUB opdracht om onderzoek te doen naar de werktevredenheid van haar eigen doctorandi.

 

Voor hun onderzoek bevroegen VUB-onderzoekers Anaïs Glorieux, Petrus te Braak en Joeri Minnen alle doctoraatsonderzoekers aan de VUB en hierop antwoordden 843 (53%) doctorandi. Wat blijkt? Een grote meerderheid is overwegend positief over de werkomstandigheden en zijn of haar PhD-traject.

 

Bijna 4 op 5 studenten is (zeer) tevreden over haar of zijn traject

In het online surveyonderzoek naar werktevredenheid kunnen drie grote tendensen worden onderscheden: 1 op 5 is zeer tevreden over zijn of haar werktevredenheid. Dit kenmerkt zich in een hoge tevredenheid met de begeleiding die zij ontvangen van hun promotor, een hoge mate van zelfvertrouwen en een zeer positieve evaluatie van het werkklimaat aan de VUB. Nog eens bijna 3 op 5 studenten is gematigd tevreden. Deze groep onderscheidt zich voornamelijk door een iets lager zelfvertrouwen.

 

Tegenover deze grote groepen tevreden studenten staat ook een groep die minder positief is. Ongeveer 1 op 5 doctorandi geeft aan dat ze kampen met twijfels over hun eigen kunnen en ervaren te weinig begeleiding van hun promotor om hieraan tegemoet te komen. Bijgevolg schatten zij hun kansen om hun doctoraatstraject succesvol af te sluiten eerder laag in.

 

Arbeidsvoorwaarden van minder belang dan intrinsieke jobkenmerken

Elementen die het grootste effect hebben op de werktevredenheid, zijn de ondersteuning van de promotor, de warmte van het werkklimaat en het zelfvertrouwen. Arbeidsvoorwaarden, zoals het loon en het aantal vakantiedagen, hebben het minst effect op de werktevredenheid van doctorandi.

 

“Opvallend aan de resultaten is dat vrouwen dikwijls minder tevreden zijn over hun werksituatie dan hun mannelijke collega’s. Onderzoek leert ons dat in zeer competitieve werkomgevingen – waar de academische wereld zeker toe behoort – waarden en gedrag die meer aan vrouwen toegeschreven worden (zoals samenwerken, sociale intelligentie, etc.) minder beloond worden. De universiteit zal de survey verfijnen om de drijfveren achter dit verschil verder te onderzoeken en de werkomstandigheden van deze groep te verbeteren.”, aldus Anaïs Glorieux, onderzoekster bij Onderzoeksgroep TOR aan de VUB.

 

Focus op goede begeleiding vanuit het beleid

VUB tracht met een geïntegreerde aanpak doctorandi zo goed mogelijk te ondersteunen in hun traject. Zo worden niet alleen trainingen voorzien voor doctorandi, maar ook voor promotoren. Het trainingspakket voor promotoren wordt georganiseerd samen met ULB en bevat naast een tweedaagse training ook intervisiesessies en een rondetafelgesprek over verschillende thema’s (selectie van internationale doctorandi, carrièrebegeleiding,…). Om goede praktijken beter bekend te maken aan de universiteit worden sinds vorig jaar ook supervisor awards uitgereikt. Promotoren worden genomineerd door hun eigen doctorandi en kunnen inspirerend werken voor hun collega-promotoren.

 

De PhD survey houdt de vinger aan de pols en helpt het beleid bij te sturen waar nodig. De bevraging zal jaarlijks herhaald worden, zodat niet enkel de werktevredenheid blijvend geëvalueerd wordt, maar ook om na te gaan of genomen maatregelen positieve effecten hebben op de werktevredenheid van doctorandi.